Ontbindende voorwaarde

Een ontbindende voorwaarde in een arbeidsovereenkomst is de afspraak dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt als zich een bepaalde onzekere gebeurtenis voordoet.

  1. Twee voorbeelden ter illustratie
  2. Rechtspraak over de ontbindende voorwaarde
  3. Hoofdregel: ontbindende voorwaarde is niet geldig

Twee voorbeelden ter illustratie

De volgende twee voorbeelden maken duidelijk wat een ontbindende voorwaarde is:

  • “Deze arbeidsovereenkomst eindigt van rechtswege als de werknemer zich ziek meldt.”
  • “Deze arbeidsovereenkomst eindigt van rechtswege als de werknemer bij het jaarlijkse functioneringsgesprek een onvoldoende krijgt.”

Het zal geen verrassing zijn dat deze twee ontbindende voorwaarden ongeldige afspraken zijn. Uit de rechtspraak volgt echter dat sommige ontbindende voorwaarden wel rechtsgeldig kunnen zijn.

naar boven

Rechtspraak over de ontbindende voorwaarde

De Hoge Raad heeft uitgemaakt dat onder omstandigheden een ontbindende voorwaarde rechtsgeldig kan zijn. De Hoge Raad heeft daarbij drie eisen gesteld:

  • de ontbindende voorwaarde mag niet strijdig zijn met ons ontslagstelsel;
  • het intreden van de ontbindende voorwaarde is niet afhankelijk van het subjectieve oordeel van de werkgever of de werknemer;
  • de arbeidsovereenkomst wordt door het intreden van de ontbindende voorwaarde inhoudsloos.

Het eerste voorbeeld dat we hierboven noemde voldoet niet aan de eerste eis. Tijdens de eerste twee jaar van ziekte geldt een opzegverbod en dat opzegverbod zou worden omzeild met deze ontbindende voorwaarde. Dat mag niet.

Het tweede voorbeeld voldoet niet aan de tweede eis. Het intreden van die ontbindende voorwaarde – de onvoldoende beoordeling – is immers afhankelijk van het subjectieve oordeel van de werkgever.

naar boven

Hoofdregel: ontbindende voorwaarde is niet geldig

Als hoofdregel geldt dat rechters slechts zeer zelden een ontbindende voorwaarde in de arbeidsovereenkomst accepteren.

Een voorbeeld is de zaak van de arts die in loondienst van een artsenmaatschap was, waarbij het werk in een bepaald ziekenhuis werd verricht. In de arbeidsovereenkomst van de arts was opgenomen dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege zou eindigen als de arts de toegang tot het ziekenhuis zou worden ontzegd.

De Hoge Raad accepteerde deze ontbindende voorwaarde omdat de maatschap geen zeggenschap had over het oordeel van het ziekenhuis en de arbeidsovereenkomst na dat oordeel in feite inhoudsloos was geworden.

naar boven

Let op: opent in een nieuw venster PrintE-mail