Voorbeeld concurrentiebeding

Hieronder volgt een voorbeeld van een (non-)concurrentiebeding dat u in een arbeidsovereenkomst kunt opnemen. In dit voorbeeld is er voor gekozen om de werking van het beding geografisch te beperken (zie het derde lid).


Non-concurrentiebeding

1.   Onder het begrip Concurrent wordt in dit non-concurrentiebeding verstaan: een onderneming gelijk, gelijksoortig of aanverwant aan het bedrijf van de werkgever.

2.   Het is de werknemer verboden om binnen een tijdvak van twaalf maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst:

  • op basis van een arbeidsovereenkomst - direct of indirect (zoals via een uitzendbureau) - arbeid voor een Concurrent te verrichten, of
  • als zelfstandig ondernemer - direct of indirect (zoals via een vennootschap) - arbeid voor een Concurrent te verrichten, of
  • alleen of met anderen een Concurrent op te richten, te vestigen, te drijven of te doen drijven, of
  • alleen of met anderen financieel belang bij een Concurrent te hebben, of daarin aandeel te hebben.

3.   Dit non-concurrentiebeding heeft betrekking op het geografische gebied dat gelegen is binnen de cirkel die de vestigingsplaats van de werkgever als middelpunt heeft en een straal van 30 kilometer.

4.   Indien de werknemer dit non-concurrentiebeding overtreedt, moet de werknemer aan de werkgever een boete betalen. De boete bedraagt € 10.000,00 (zegge: tienduizend euro) voor iedere overtreding, te vermeerderen met € 200,00 (zegge: tweehonderd euro) voor iedere dag, of een gedeelte daarvan dat de overtreding voortduurt. De boete is onmiddellijk opeisbaar, zonder dat daarvoor een ingebrekestelling of andere voorafgaande verklaring in de zin van artikel 6:80 e.v. Burgerlijk Wetboek nodig is. De boete is opeisbaar onverminderd de overige rechten van de werkgever op grond van de wet of deze overeenkomst, waaronder in ieder geval begrepen het recht op nakoming van deze overeenkomst en het recht om schadevergoeding op grond van de wet te vorderen.

Let op: opent in een nieuw venster PrintE-mail