Concurrentiebeding

In de arbeidsovereenkomst wordt soms een concurrentiebeding opgenomen. Dit is een beding dat de werknemer verbiedt om – kort gezegd – na afloop van de arbeidsovereenkomst aan de werkgever concurrerende werkzaamheden te verrichten.

  1. Geldigheidsvereisten concurrentiebeding
  2. Ingrijpende wijziging van de arbeidsverhouding
  3. (Gedeeltelijke) vernietiging van het concurrentiebeding door de rechter
  4. Vergoeding voor de werknemer voor de duur van het concurrentiebeding
  5. Vergoeding van schade en boete bij niet-nakoming
  6. Schadeplichtige werkgever komt geen beroep op concurrentiebeding toe
  7. Geen concurrentiebeding, toch onbehoorlijke concurrentie

Geldigheidsvereisten concurrentiebeding

Een concurrentiebeding - ook wel non-concurrentiebeding genoemd - kan bij het begin, tijdens en bij het einde van de arbeidsovereenkomst worden afgesproken. Het beding moet dan aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • het moet schriftelijk zijn vastgelegd, en
  • de werknemer moet meerderjarig zijn.

Klikt u hier voor een voorbeeld van een concurrentiebeding.

naar boven

Ingrijpende wijziging van de arbeidsverhouding

Een geldig concurrentiebeding kan door een ingrijpende wijziging van de arbeidsverhouding zijn werking geheel of gedeeltelijk verliezen. Hiervan zal echter niet snel sprake zijn. Dit is alleen het geval als het concurrentiebeding door de wijziging in de arbeidsverhouding aanmerkelijk zwaarder op de werknemer is gaan drukken. En dit is niet het geval bij bijvoorbeeld een normaal carrièreverloop. Als de werknemer in de loop van de jaren promoties maakt die redelijkerwijs voorzienbaar waren bij het aangaan van het concurrentiebeding, dan blijft het beding dus geldig.

naar boven

(Gedeeltelijke) vernietiging van het concurrentiebeding door de rechter

Werkgevers en werknemers denken vaak al snel dat een concurrentiebeding in een gerechtelijke procedure niet overeind blijft. Maar ook bij een concurrentiebeding geldt als uitgangspunt: afspraak is afspraak. Desalniettemin kan de rechter onder omstandigheden het concurrentiebeding (gedeeltelijk) vernietigen. De rechter doet dat als de werknemer in verhouding tot de belangen van de werkgever door het concurrentiebeding onbillijk wordt benadeeld.

De rechter kan in dergelijke situaties het concurrentiebeding geheel of gedeeltelijk vernietigen. Bij gedeeltelijke vernietiging kan aan het volgende worden gedacht:

  • de rechter beperkt de tijdsduur van het beding (bijvoorbeeld geen twee maar één jaar);
  • de rechter beperkt de werking van het beding tot een specifiek product of tot specifieke werkzaamheden;
  • de rechter beperkt het geografische bereik van het beding (bijvoorbeeld niet heel Nederland maar alleen een bepaalde stad of regio);
  • de rechter brengt het concurrentiebeding terug tot een relatiebeding c.q. het verbod om klanten van de ex-werkgever te benaderen of te bedienen.

naar boven

Vergoeding voor de werknemer voor de duur van het concurrentiebeding

Als de rechter het concurrentiebeding (gedeeltelijk) intact laat, kan hij de werknemer voor de duur van het beding een vergoeding toekennen. Dit mag de rechter echter alleen doen als het concurrentiebeding de werknemer in belangrijke mate belemmert in zijn arbeidsmogelijkheden. In de praktijk komt het niet vaak voor dat een rechter een dergelijke vergoeding toekent. Er is ook weinig rechtspraak over.

naar boven

Vergoeding van schade en boete bij niet-nakoming

Als de werknemer een (geldig) concurrentiebeding overtreedt, kan de ex-werkgever de schade die hij daardoor lijdt op de werknemer verhalen. Deze schade is meestal niet makkelijk vast te stellen. Daarom wordt aan een concurrentiebeding meestal een boeteclausule verbonden. De werknemer die het concurrentiebeding overtreedt, verbeurt dan de contractuele boetes zonder dat de ex-werkgever de schade hoeft te bewijzen.

De rechter kan de contractuele boete matigen, maar werknemers moeten zich realiseren dat een rechter niet (snel) tot nihil zal matigen. Anders gezegd: als er een geldig concurrentiebeding is dat door de rechter niet (gedeeltelijk) wordt vernietigd, dan kan de werknemer bij overtreding tegen stevige boetes aanlopen.

Het is daarom verstandig om voor de aanvang van de concurrerende werkzaamheden met de ex-werkgever in overleg te treden over het concurrentiebeding en het bereik daarvan. Zeker ook vanwege het feit dat het moeilijk is om te voorspellen of een rechter bereid zal zijn het concurrentiebeding te vernietigen.

naar boven

Schadeplichtige werkgever komt geen beroep op concurrentiebeding toe

De werkgever kan aan het concurrentiebeding geen rechten ontlenen als hij schadeplichtig is wegens de wijze waarop de arbeidsovereenkomst is beëindigd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:

  • de werkgever die de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd zonder de opzegtermijn (volledig) in acht te nemen;
  • de werkgever die ten onrechte ontslag op staande voet heeft gegeven.

naar boven

Geen concurrentiebeding, toch onbehoorlijke concurrentie

Als werkgever en werknemer geen concurrentiebeding hebben afgesproken, mag de werknemer na het einde van de arbeidsovereenkomst zijn ex-werkgever in principe concurrentie aandoen. Maar ook hier zijn grenzen aan. Als de werknemer bijvoorbeeld bedrijfsgeheimen gebruikt en klanten van zijn ex-werkgever systematisch bewerkt, kan sprake zijn van een onrechtmatige daad. De werknemer is dan aansprakelijk voor de schade die de ex-werkgever als gevolg van die onrechtmatige daad lijdt. En in een kort geding kan de ex-werkgever eisen dat de werknemer stopt met zijn onrechtmatige handelingen.

naar boven

Let op: opent in een nieuw venster PrintE-mail